Het Meer van Galilea
In Matteüs, Marcus en Johannes wordt het water bij Tiberias aangeduid met het woord thalassa. Het Griekse woord thalassa betekent doorgaans ‘zee’. In de Statenvertaling en de NBG-vertaling 1951 wordt het dan ook altijd als ‘zee’ vertaald (b.v. ‘de zee van Galilea’). Latere vertalingen als de Willibrordvertaling en de Groot Nieuws Bijbel kiezen voor de vertaling ‘meer’. De belangrijkste reden daarvoor is, dat het water bij Tiberias in Galilea geografisch gezien een meer is. De evangelist Lucas koos om die reden voor de term limnê, ‘meer’.
Maar ook het woord thalassa kan soms gebruikt worden als aanduiding voor een water dat geen zee is. Dat is zeker het geval in de Septuaginta (LXX), de Griekse vertaling van de boeken van het Oude Testament. In de LXX wordt het woord thalassa gebruikt als een equivalent van het Hebreeuwse woord jam. Dat laatste betekent behalve ‘zee’ ook ‘meer’ of ‘rivier’, en kan dus naar alle typen water van enige omvang verwijzen. In het Oude Testament wordt dit meer aangeduid als jam-kinneret (Numeri 34:11) of jam kinrot (Jozua 12:3), weergegeven in de LXX als respectievelijk thalassa Chenara en thalassa Chenereth. Dit wordt in De Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) vertaald als ‘het Meer van Kinneret’. In navolging van de LXX, gebruiken ook de evangelisten Marcus, Mattheüs en Johannes het woord thalassa als aanduiding voor het meer. Ze gebruiken echter wel een andere naam voor het meer: ‘het Meer van Galilea’ (Marcus en Matteüs) en ‘het Meer van Tiberias’ (Johannes). Zie Kinneret en Gennesaret.
Er zijn dus twee goede redenen om thalassa in de genoemde gevallen met ‘meer’ te vertalen:
- Het betreffende water is nu eenmaal een meer (en geen zee)
- Zeker in het kielzog van de Septuaginta omvat het woord thalassa de betekenis ‘meer’
De NBV gebruikt bij de aanduidingen ‘het Meer van Kinneret / Galilea / Tiberias’ steeds een hoofdletter (Meer), om aan te geven dat het hier een geografische aanduiding betreft.