De scheiding tussen twee scheppingsverhalen [Gen. 1-3]
Het tweede scheppingsverhaal uit Genesis 2:4b-3:24 is volgens velen afkomstig uit een andere bron dan het eerste. Vandaar de verschillen tussen de twee scheppingsverhalen: in het eerste wordt de mens (als man en vrouw) gepresenteerd als Gods beeld (en wordt niet verteld uit welke substantie hij geschapen is), in het tweede is geen sprake van de mens als beeld van God en wordt de mens als stoffelijk wezen voorgesteld. Chronologisch lijkt het tweede scheppingsverhaal niet te corresponderen met het eerste: uit Genesis 2:5-7 kun je opmaken dat de mens geschapen werd vóórdat er iets op de aarde groeide, terwijl in het eerste scheppingsverhaal het gewas geschapen wordt vóór de mens.
Het is lastig te bepalen waar precies de scheiding ligt tussen de twee verhalen. Een aantal argumenten pleit voor een afsluiting van het eerste verhaal in Genesis 2:4a. Genesis 1:1-2:4a begint en sluit met een vorm van het werkwoord bara ‘scheppen’. Terwijl dit werkwoord in het eerste scheppingsverhaal een belangrijke rol speelt en regelmatig herhaald wordt, komt het vanaf Genesis 2:4b niet meer voor. Dit zou er op kunnen wijzen dat het eerste deel van vers 4 nog hoort bij het eerste scheppingsverhaal.
Ook de interpretatie van de toledot-formule biedt een argument voor het scheiden van de twee scheppingsverhalen bij Genesis 2:4a. In tien van de elf gevallen dient de formule als een soort opschrift van de erop volgende lijst of het erop volgende verhaal. In dezelfde lijn heeft men ook dikwijls de formule uit Genesis 2:4 geïnterpreteerd. De interpretatie van de toledot-formule in Genesis 2:4a als opschrift van het daarop volgende scheppingsverhaal impliceert echter de gedachte, dat hemel en aarde subject zijn van ‘verwekken’ in de rest van het vers. Dit is een gedachte die vreemd is aan de auteur van het scheppingsverhaal. Hemel en aarde verwekken niet, maar zijn verwekt. Zij zijn het object van de handeling, in plaats van het subject.
De toledot-formule markeert de scheiding tussen de twee scheppingsverhalen. Als we uitgaan van de literaire eenheid van de compositie van Genesis 1-3, kan het begin van het tweede scheppingsverhaal gezien worden als een uitwerking van een deel van het eerste. Genesis 2:4b-7 wijst dan terug naar de schepping van de mens in 1:27.