Thematiek en opbouw [Ps. 146]
In Psalm 146 staat de lof voor de HEER centraal. Hij is als schepper en koning de beschermer en redder van de rechtvaardigen in Sion. Tegenover hem staan de mensen die hun macht ten kwade aanwenden. De dichter roept op de HEER te prijzen en de machthebbers te wantrouwen. De vertalers hebben de psalm ingedeeld in twee stanza’s. De eerste is Psalm 146:1-6a en de tweede 146:6b-10. Elke stanza telt drie strofen. De strofenindeling correspondeert in Psalm 146:6 en 146:8 niet met gebruikelijke verdeling van de tekst in verzen. Dat heeft een reden: er zijn inhoudelijke overeenkomsten tussen de verschillende strofen. De derde strofe (Psalm 146:5-6a) bijvoorbeeld is duidelijk bedoeld als tegenstelling met de tweede (146:3-4). De vierde en de vijfde strofe (Psalm 146:6b-8a en 146:8b-9) zijn twee delen van een litanie. Het is opvallend dat de helft van de versregels van de vierde en vijfde strofe begint met de Hebreeuwse godsnaam JHWH. Dat vormkenmerk is ook in de vertaling bewaard.