Genre [1 Joh.]
Anders dan andere nieuwtestamentische brieven begint 1 Johannes niet met een aanduiding van afzender en geadresseerden en ook de gebruikelijke groeten aan het slot ontbreken. Maar aan de formulering ‘Dit schrijf ik u’ (vele malen in 1 Johannes 2 en in 5:13) en het aanspreken van de geadresseerden (‘kinderen’ en ‘geliefde broeders en zusters’) is het geschrift toch als brief te herkennen.
De brief heeft een pastorale functie. De schrijver stelt zich op als een autoriteit; hij lijkt zijn lezersgroep goed te kennen. De aanleiding tot de brief lijkt een breuk in de gemeenschap waartoe schrijver en zijn lezers behoorden (1 Johannes 2:19). Er worden diverse openlijke en indirecte verwijten gemaakt aan degenen die zijn weggegaan. Zij houden er opvattingen en praktijken op na die de schrijver scherp afkeurt: hij noemt hen ‘antichristen’. Met de brief wil de schrijver de overgebleven gemeenschap op het rechte pad houden door hen te wijzen op de juiste leer.